menu

Om sterven heen 

Archief  

Eerder verschenen teksten:

November 2017

Ruim van hart

Ze is van goede komaf, vertelde ze me. Ze woonde ooit met haar gezin in een mooi huis in Kabul; haar man bekleedde een hoge positie. Toen hij werd opgepakt, vluchtte ze met hun drie zonen uit Afghanistan naar Pakistan. Ook daar, in een kamp, voelden ze zich niet veilig. Zo kwamen ze uiteindelijk samen in Nederland terecht. Zij opende een naaiatelier en leerde haar zonen hun eigen brood te verdienen.

Een van hen sprak aardig Nederlands en tolkte voor haar, nu ze in het hospice lag. Op een dag vroeg ze me: “Zou u met me willen bidden?” Verrast zei ik: “Ik ben christen, wat jammer dat ik geen islamitisch gebed ken!” “Er is maar één God voor ons allen. Bid zoals u dat gewend bent, het zal me helpen.” Ontroerd bad ik het Onze Vader voor haar.

Met een gevoel van diepe eerbied verliet ik de kamer.


Oktober 2017

Verwondering

Hij had me verteld ‘agnost' te zijn. Op levensbeschouwelijk gebied hield hij alle mogelijkheden open. We hadden fijne gesprekken, diepgaand soms, maar ook over de dingen van alledag. Hij was ziek en leed daaraan. Terwijl hij zieker werd, kwam hij tot de conclusie dat euthanasie een goede, eenvoudige uitweg uit zijn lijden zou zijn.

Toen ik die middag bij hem binnenstapte, wist ik dat het onze laatste ontmoeting zou zijn – en hij liet blijken dat hij dat ook wist. De stemming was bijna opgewekt, ontspannen. Ik nam afscheid. Toen ik al bij de deur was, zei hij: “Misschien tot ziens, ergens achter de sterren…” Hij glimlachte.

Hij stierf de volgende dag, zonder hulp.